Zo op het eerste gezicht hebben ze weinig gemeen, schrijver Lale Gül (26) en stand-upcomedian Raoul Heertje (60). Ze schelen niet alleen twee generaties, ook hun achtergrond ligt nogal uiteen. Zij werd geboren in een streng islamitisch nest in Amsterdam-West, hij groeide op in een zionistisch Joods gezin in het Gooi. Maar er is ook iets wat hen bindt, zonder dat ze daar zelf van op de hoogte lijken.
In gesprek met Lale Gül en Raoul Heertje
Lale Gül werd drie jaar geleden plotsklaps beroemd met de bestseller Ik ga leven, over de breuk met haar extreem religieuze opvoeding. In mei verschijnt de opvolger, Ik ben vrij, waarin ze haar nieuwe leven als afvallige beschrijft. Raoul Heertje maakte samen met Frans Bromet in 2020 Het Israël van Heertje en Bromet, de veelgeprezen maar in sommige kringen ook bekritiseerde documentaireserie over zijn haat-liefdeverhouding met Israël. Zijn genuanceerde uitlatingen, over de verschrikkelijke situatie van de Palestijnen in Gaza bij de talkshow Khalid & Sophie daags na het uitbreken van het Israëlisch-Palestijns conflict, konden in de eerste plaats rekenen op veel bijval, maar werden door sommigen ook als dubbel ervaren.
Elke week onze beste artikelen in je inbox? Schrijf je hier in voor de Vogue-nieuwsbrief.
(Niet) hardop zeggen
Als bij het begin van dit interview geopperd wordt dat Lale en Raoul beiden gezien kunnen worden als nestbevuilers, knikt Lale instemmend maar Raouls wenkbrauwen schieten verbaasd omhoog.
Lale: “Is er niemand van jouw familie die je een verrader vindt of je niet meer wil zien?”
Raoul: “Nee, in die zin is dat anders dan bij jou. Dat lijkt me verschrikkelijk, als je zoals jij bent uitgekotst. Of erger, verstoten. Ik hoor wel dat mensen boos op me zijn, maar ze zeggen het nooit in mijn gezicht. Ik krijg weleens het verwijt dat ik alleen linkse mensen interviewde, dat ik het te eenzijdig bekijk. Dat was helemaal niet zo, in de documentaire zitten juist veel rechtse mensen. Er zijn ook Joodse Nederlanders die het met me eens zijn, die ook vinden dat Palestijnen niet goed behandeld worden. Maar veel van hen vinden dat ik het niet hardop moet zeggen. Omdat ze bang zijn dat antisemieten het gaan gebruiken. Terwijl ik denk dat mensen Raoul Heertje niet nodig hebben om antisemiet te worden, dat kunnen ze echt wel zonder mij.”