is-het-delen-van-een-achternaam-met-je-man-en-kinderen-echt-belangrijk-341433
©Courtesy of Netflix

Achternamen zijn een politiek spel — dat is duidelijk. Van immigranten die hun oorspronkelijke achternamen aanpassen (zoals Ralph Lifshitz, Mindy Chokalingam en Ramón Estévez, beter bekend als Ralph Lauren, Mindy Kaling en Martin Sheen) tot politieke figuren die proberen een man-van-het-volk-persona aan te nemen (zoals Alexander Boris de Pfeffel Johnson, alias Boris Johnson): er zit altijd een strategisch doel achter het veranderen van een naam.

Traditionele achternaamregels

En ook vrouwelijke beroemdheden met één naam — Cher, Madonna, Oprah — die boven het gepeupel uitsteken, kunnen ons iets vertellen over hun houding ten opzichte van de ouderwetse traditie om de identiteit van een man aan te nemen. In haar show With Love, Meghan deelt de voormalige royal dat ze nu de achternaam Sussex gebruikt. Eerlijk is eerlijk, Sussex is een mooie plek. Mooie krijtrotsen, leuke vegetarische cafés. Het gaat me dan ook niet aan hoe ze zich noemt, en het interesseert me ook niet.

Elke week onze beste artikelen in je inbox? Schrijf je hier in voor de Vogue-nieuwsbrief.

Toch heb ik het altijd vreemd gevonden dat de identiteit van een vrouw ondergebracht moet worden bij die van haar vader of mannelijke partner. Toen ik voor het eerst de naam Prinses Michael van Kent las (ik was elf jaar oud), vond ik dat komisch. Het gebruik van zulke namen vond ik vreemd en zelfs onderdrukkend.

De beslissing

Daarom heb ik mijn dochter Frizzell genoemd. Toen ik de tweede keer, negen maanden zwanger, door de stad fietste om als lerares Engels voor een klas met tieners te staan, werd ik steeds vastberadener in mijn verlangen om mijn eigen naam door te geven. Het is tenslotte een geweldige naam. Eigenlijk ontdekte ik pas op de middelbare school dat mijn volledige naam rijmde. Toen ik mijn ouders confronteerde met deze nogal Dr. Seuss-achtige bijnaam — zoveel Z’s, zoveel L’s, zoveel manieren om te rijmen— beweerden ze dat ze het zelf ook niet hadden opgemerkt.

Mijn zoon heeft de achternaam van zijn vader. Dit was een beslissing die deels werd ingegeven door het feit dat hij een voornaam deelt met mijn vader en het dus verstandig leek om een onderscheid te maken, en ook omdat ik het fijn vond om Frizzell erin te hebben als tweede naam, mocht hij die ooit willen veranderen. Maar toen ik mijn zoon vertelde dat ik zwanger was van een meisje en me afvroeg hoe ik haar moest noemen, was hij het er al snel mee eens dat ze Frizzell moest worden. Volgens zijn logica zijn meisjes Frizzells. En wie ben ik om dat tegen te spreken?

Ouderwets en beledigend

Ik heb verschillende vrienden die hebben toegegeven dat ze het jammer vinden dat ze hun eigen naam niet aan hun kinderen hebben doorgegeven. Het lijkt niet alleen ouderwets, maar voelt ook als een belediging, na al die moeite die je hebt gedaan. Voor degenen onder ons die de naam van hun man niet hebben aangenomen (nog zo’n onverklaarbare traditie wat mij betreft), kan het ook voor administratieve rompslomp zorgen. Als de naam op dat pakje, paspoort of medisch dossier niet overeenkomt met die van jou, is er maar één nogal kieskeurig, slecht opgeleid of overijverig personeelslid nodig om je plotseling op een behoorlijk significante manier van je kind te scheiden. Ik heb meer dan eens met mijn zoon bij een balie gestaan en gesmeekt: “Hij is van mij, dat beloof ik, kijk maar naar zijn ogen”, om vervolgens toch niets te bereiken.

Dus terwijl ik dit schrijf, met baby Frizzell tegen mijn schouder gekruld, wil ik jullie allemaal een voorstel doen: schrap de breedsprakigheid en ingewikkeldheid van dubbele achternamen (waardoor kinderen na een tijdje klinken als advocatenkantoren) en neem gewoon mijn systeem over. Meisjes krijgen de naam van hun moeder, jongens die van hun vader, en alleenstaande ouders of paren van hetzelfde geslacht kiezen gewoon de naam die het beste klinkt.